Redelijke aanpassingen waar komt dat begrip vandaan?

Dashboard / Redelijke aanpassingen / Basic - Redelijke aanpassingen waar komt dat begrip vandaan?

Het recht op redelijke aanpassingen vindt zijn oorsprong in het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. Dit verdrag werd in 2009 geratificeerd door België, wat betekent dat België zich verbindt tot het integreren van het verdrag in de wetgeving.

 

Redelijke aanpassingen komen echter al voor de ratificering voor in de wetgeving, namelijk in het Gelijkekansendecreet van 2008. Dit decreet stelt dat alle personen met een beperking recht hebben op redelijke aanpassingen in elk domein van de maatschappij, dus ook in het onderwijs. Het weigeren van een redelijke aanpassing wordt gezien als discriminatie.

 

De invoering van het M-decreet (2014) heeft niets veranderd aan dit recht op redelijke aanpassingen, dit was voordien al een feit. Het wordt wel duidelijk dat scholen verantwoordelijk zijn voor onderwijs aan alle leerlingen en zij in hun zorgbeleid opnemen dat ze voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften redelijke aanpassingen maken. Het is dus belangrijk dat binnen onderwijs de draagkrachtafweging (is dit voor ons als school haalbaar?) vervangen werd door een afweging van de redelijkheid van de maatregelen die de leerling nodig heeft om te kunnen komen tot leren.

 

Juridisch begrijpt men onder ‘redelijke aanpassingen’:

 

  • Het gaat om noodzakelijke en passende wijzigingen en aanpassingen.
  • Ze zijn niet disproportioneel of onevenredig en ze leggen geen onnodige last op.
  • Ze zorgen ervoor dat het recht op deelname in de school en in samenleving gewaarborgd is.

 

Hoe kan men weten of een aanpassing een goede aanpassing is?

 

  • Doeltreffendheid: is er echt sprake van participatie?
  • Evenwaardigheid: is de participatie evenwaardig?
  • Zelfstandigheid: kan de leerling zelfstandig participeren?
  • Veiligheid: is de veiligheid van de leerling met specifieke onderwijsbehoeften gewaarborgd?

Unia gaat dieper in op de oorsprong van redelijke aanpassingen in de eerste aflevering van de tweedelige podcastserie over inclusief onderwijs.

 

Tine heeft een zware vorm van epilepsie. Soms kan ze enkel in de voormiddag participeren omdat de vermoeidheid dreigt om aanvallen uit te lokken. In zo’n periode wordt ervoor gezorgd dat af en toe een les WO en/of muzische vorming in de voormiddag wordt gepland. Op deze manier krijgt Tine ook de kans om aan deze lessen deel te nemen.